Que pasa tio?
04-03-09 | 09:36
Hombre! Que tal tio?
Spanjaarden zijn meesters in het tutoyeren. Een manager die het kantoor binnenloopt, roept naar de medewerkers Hola Guapos, je collega belt en vraagt Como estas hombre?, vrienden noemen elkaar Tio, en in een café wordt je om de haverklap gevraagd wat het mag zijn voor deze Cariña. Het is exemplarisch voor de instelling van de Catalanen, warm (of verhit, het is maar hoe je het bekijkt), open, een beetje macho. Precies wat je verwacht dus van een mediterraan volk.
Barcelona heeft een warm welkom in petto, voor weekendjesweg bezoekers én voor nieuwe bewoners. Vol met gastronomische geneugten in de duizenden restaurants; culturele hoogtepunten in de architectuur en de vele galeries, musea en theaters; uitgaan totdat je erbij neervalt; uitwaaien op het strand en chillen in de parken. Voor de weekendtoeristen is dit meer dan genoeg, maar als nieuwbakken Spanjaard, of eigenlijk Catalaan, is er toch meer nodig: een “echt” leven.

Langzaam begint dat van ons hier echt vorm te krijgen. De afgelopen weken stonden naast het onvermijdelijke werk in het teken van de stad en haar mensen (en de daarbij behorende bars, restaurants en clubs natuurlijk). Zo stonden we met collega’s en vrienden Chorizo te happen in de Champañeria, hebben we staan knallen bij James Holden en Nathan Fake in de Razzmataz¸ vierden we een verjaardag met een stel Catalanen die het feest het thema ‘Vino y Queso’ hadden meegegeven (met zeer verassend veel kaas en wijn), dansten we de rock & roll mee met de locals op het Placa Virreina in Gracia en keken we naar de hippe exposities bij Vallery.

De instelling van de mensen wordt misschien nog wel het beste weergegeven door de Calçotada. Elk volk een eigen barbecue. Wij gooien er hamburgers op en verdrinken die in knoflooksaus, de Duitser leeft op buitengebraden Bratwurst, de Zuid-Afrikaan braait er lustig op los met kudu en antilope en de Australier eet gemiddeld twee koeien van de houtskoolgril. En de Catalaan? Die eet 30 bosuien.

Zaterdag waren we uitgenodigd voor de plaatselijke versie van de zomerse BBQ. (Man oh man, wat fijn. Barbequeen in Februari. En dat op het noordelijke halfrond!). Waar dit om draait is het grillen van grote hoeveelheden lenteuitjes (Calçots), die daarna uitgeknepen worden en verorberd met grote hoeveelheden saus. Afgeblust natuurlijk met wat Cava en Cerveza, waarna de tios, hombres, guapas, amigos en chicos van hartelust over tafel vliegen. En je het niet erg vindt om half dronken, stinkend naar ui en onder de verkoolde resten in de trein terug te zitten, want je bent lang niet de enige.

Spanjaarden zijn meesters in het tutoyeren. Een manager die het kantoor binnenloopt, roept naar de medewerkers Hola Guapos, je collega belt en vraagt Como estas hombre?, vrienden noemen elkaar Tio, en in een café wordt je om de haverklap gevraagd wat het mag zijn voor deze Cariña. Het is exemplarisch voor de instelling van de Catalanen, warm (of verhit, het is maar hoe je het bekijkt), open, een beetje macho. Precies wat je verwacht dus van een mediterraan volk.
Barcelona heeft een warm welkom in petto, voor weekendjesweg bezoekers én voor nieuwe bewoners. Vol met gastronomische geneugten in de duizenden restaurants; culturele hoogtepunten in de architectuur en de vele galeries, musea en theaters; uitgaan totdat je erbij neervalt; uitwaaien op het strand en chillen in de parken. Voor de weekendtoeristen is dit meer dan genoeg, maar als nieuwbakken Spanjaard, of eigenlijk Catalaan, is er toch meer nodig: een “echt” leven.

Langzaam begint dat van ons hier echt vorm te krijgen. De afgelopen weken stonden naast het onvermijdelijke werk in het teken van de stad en haar mensen (en de daarbij behorende bars, restaurants en clubs natuurlijk). Zo stonden we met collega’s en vrienden Chorizo te happen in de Champañeria, hebben we staan knallen bij James Holden en Nathan Fake in de Razzmataz¸ vierden we een verjaardag met een stel Catalanen die het feest het thema ‘Vino y Queso’ hadden meegegeven (met zeer verassend veel kaas en wijn), dansten we de rock & roll mee met de locals op het Placa Virreina in Gracia en keken we naar de hippe exposities bij Vallery.

De instelling van de mensen wordt misschien nog wel het beste weergegeven door de Calçotada. Elk volk een eigen barbecue. Wij gooien er hamburgers op en verdrinken die in knoflooksaus, de Duitser leeft op buitengebraden Bratwurst, de Zuid-Afrikaan braait er lustig op los met kudu en antilope en de Australier eet gemiddeld twee koeien van de houtskoolgril. En de Catalaan? Die eet 30 bosuien.

Zaterdag waren we uitgenodigd voor de plaatselijke versie van de zomerse BBQ. (Man oh man, wat fijn. Barbequeen in Februari. En dat op het noordelijke halfrond!). Waar dit om draait is het grillen van grote hoeveelheden lenteuitjes (Calçots), die daarna uitgeknepen worden en verorberd met grote hoeveelheden saus. Afgeblust natuurlijk met wat Cava en Cerveza, waarna de tios, hombres, guapas, amigos en chicos van hartelust over tafel vliegen. En je het niet erg vindt om half dronken, stinkend naar ui en onder de verkoolde resten in de trein terug te zitten, want je bent lang niet de enige.

0 Comments

